« Ga terug naar Uitgelicht - Kranten en Tijdschriften

de Ware Tijd, 1957 - heden


In 1957 wordt de verschijning van het ochtendblad De Tijd (1952-1957) stopgezet. Na het overlijden van de drukker O.C. Marcus is er namelijk een conflict ontstaan tussen de hoofdredacteur Fernand L. de Rooy en de Erven O.C. Marcus over het eigendomsrecht van de krant.
Fernand L. de Rooy begint een nieuw ochtendblad getiteld De Nieuwe Tijd (1956-1960). In 1957 wordt er nog een nieuwe krant opgericht: de Ware Tijd (1957-) van C. Tjong A Kiet en C. Jong Tjien Fa. Déze krant bestaat nog steeds.

In 1961 komt de Ware Tijd onder hoofdredacteurschap van Leo Morpurgo (1924), die deze functie 36 jaar bekleedt. Onder zijn beheer zal de oplage van circa 7.000 exemplaren in de jaren zestig, uitgroeien tot 45.000 eind jaren zeventig, waarmee het de grootste en belangrijkste krant van Suriname is.
In 1971 start Leo Morpurgo, samen met de freelancers Rudi Kross (1938-2002) en Jozef Slagveer (1940-1982) de culturele bijlage De Ware Tijd Extra. In de eerste aflevering verschijnt het verhaal 'Borr borr', geschreven door 'een rasechte bastaard', ondertekend met Borr, een pseudoniem van Rudi Kross. In hetzelfde jaar starten Rudi Kross en Jozef Slagveer het persbureau Informa, dat het Informa-Bulletin (1971-1981) uitgeeft.

de Ware Tijd, 2 februari 1973
Een dramatisch dieptepunt in het bestaan van de krant is de periode na de militaire coup in 1980. De Ware Tijd wordt door het militaire gezag aangewezen als enige officiële krant in Suriname en op de redactie worden enkele censoren geplaatst.
Toenmalig hoofdredacteur Leo Morpurgo: "Niet iedereen kon begrijpen dat we daaraan hebben meegewerkt. Ik heb ook overwogen dat niet te doen, maar er werkten toen zestig mensen bij de krant, die allemaal een gezin te onderhouden hadden. Persvrijheid en democratie zijn natuurlijk heel mooie idealen en begrippen, maar de zorg voor mijn werknemers woog op dat moment voor mij het zwaarst. [...] We werden op een gegeven moment zelfs het leugenblad genoemd."
De krant wordt hiermee tot een spreekbuis van het regime-Bouterse, waar zelfs de plaats van een bericht door censoren wordt bepaald.
Leo Morpurgo wordt diverse malen ter verantwoording geroepen, opgepakt en ondervraagd. Lesly Rahman, volgens Morpurgo, één van zijn jonge sterverslaggevers, behoort tot de slachtoffers van de decembermoorden.

Van 1996 tot 2003 komt de Ware Tijd onder hoofdredacteurschap van Nita Ramcharan en is opnieuw de belangrijkste krant in Suriname, waaruit radio- en tv-zenders dagelijks citeren. Volgens Nita Ramcharan heeft dit te maken met de angst of lafheid van die omroepen: "Als je een bericht over bijvoorbeeld de misstappen van een belangrijke functionaris niet zelf meldt, maar citeert uit de Ware Tijd, dan kan niemand je dat aanwrijven."

De berichtgeving is in het verleden vooral gericht op binnenlandse onderwerpen. Pas vanaf de jaren negentig wordt er ook aandacht besteed aan buitenlands nieuws. Daarnaast verschijnen er bijdragen over de recente geschiedenis van Suriname. Ramcharan: "In Suriname is nauwelijks sprake van een goede vastlegging van de historie. Wie informatie wil hebben over de laatste decennia is aangewezen op de kranten."
Dat de kritische opstelling van de Ware Tijd niet altijd in dank wordt afgenomen door bepaalde groeperingen, bewijst de ontvoering en mishandeling van fotojournalist Edward Troon, partner van Nita Ramcharan, in december 1997.

de Ware Tijd, 19 maart 2007
In 2005-2006 wordt de krant korte tijd geleid door Desi Truideman; in 2007 wordt Ricardo Carrot redactie-coördinator.


Bron: Edith van Zalinge, 'De heraut van Paramaribo', in: Het Parool, 24 mei 1997.